Een telefoon die in een broekzak of tas wordt meegedragen, verzamelt via de oplaadpoort langzaam maar zeker stof en pluis, vooral wanneer de telefoon vaak samen met sleutels of andere kleine voorwerpen wordt vervoerd. Na verloop van tijd merkt men dit doordat de oplader minder goed aansluit of het opladen langzamer verloopt dan gewoonlijk.
Voordat er iets wordt schoongemaakt, wordt de telefoon uitgeschakeld en losgekoppeld van de oplader, zodat er geen risico ontstaat tijdens het schoonmaken van de poort. Een zaklamp helpt om goed te zien hoeveel pluis zich daadwerkelijk in de opening heeft verzameld.
Zachte hulpmiddelen werken het beste Een tandenstoker van hout of een niet-metalen naaldje kan voorzichtig langs de randen van de poort worden bewogen om het pluis los te maken, zonder de kleine pinnetjes binnenin te raken of te verbuigen. Metalen voorwerpen worden hierbij beter vermeden, omdat deze de contactpunten kunnen beschadigen.
Een klein beetje perslucht, in korte stootjes toegediend, blaast het losgemaakte pluis vervolgens goed naar buiten, zonder dat er vocht in de poort terechtkomt. Deze combinatie van voorzichtig losmaken en wegblazen is meestal voldoende om de poort weer volledig schoon te krijgen.
Wanneer de telefoon regelmatig in een hoesje met afgesloten poort wordt bewaard of gewoon vaker gecontroleerd wordt, blijft de oplaadpoort veel langer vrij van pluis, en houdt de oplaadverbinding zijn betrouwbaarheid.
Wie de telefoon vaak in een jaszak of broekzak met andere spullen draagt, doet er verstandig aan om deze controle als vaste gewoonte in te bouwen, bijvoorbeeld telkens wanneer de telefoon toch al wordt schoongemaakt. Zo wordt voorkomen dat pluis zich in de loop van maanden ophoopt tot een punt waarop opladen nauwelijks nog lukt en de kabel telkens net iets moet worden bijgesteld om contact te maken, wat op den duur ook de poort zelf blijvend kan beschadigen en dus meer kost dan wat voorzichtigheid nu.